Met de overname komt een langdurige samenwerking tot een eind die terugvoert naar de jaren twintig van de vorige eeuw. In 1929 bereikten het Provinciaal Elektriciteitsbedrijf Noord-Holland (PEN) en het toenmalige Hoogovens overeenstemming over de bouw van een centrale bij Velsen, aan de rand van het bedrijfsterrein. Deze eerste centrale kwam gereed in 1931 en de installatie benutte restgassen uit de hoogovens (hoogovengas) en leverde de opgewekte elektriciteit weer terug aan de staalfabriek én aan het provinciale elektriciteitsnet.
Daarmee ontstond een model dat later door de opvolgers van PEN – UNA, Nuon en uiteindelijk Vattenfall – werd voortgezet: de staalfabriek leverde restgassen, het energiebedrijf zette die om in elektriciteit en stoom en Tata Steel gebruikte die energie direct in het productieproces. Een nauwe samenwerking tussen een industrieel productieproces en een externe energieproducent is echter niet uitzonderlijk. In meerdere industriële clusters, zoals Chemelot in Geleen, het Rotterdamse havengebied en het chemiecomplex in Delfzijl, worden restgassen en warmte uit de industrie benut door naastgelegen centrales die door energiebedrijven worden geëxploiteerd.
Drie eenheden
De huidige opwekking bestaat uit drie eenheden. Velsen 24 (in gebruik sinds 1974) heeft een opgesteld vermogen van circa 460 MW elektrisch. Velsen 25 (1986) levert ongeveer 380 MW elektrisch. Beide centrales staan in Velsen-Noord en draaien hoofdzakelijk op restgassen uit het staalproces. De derde eenheid, IJmond 01, staat op het Tata-terrein in IJmuiden. Deze warmtekrachtcentrale uit 1997 produceert ongeveer 144 MW elektriciteit en circa 105 MW aan stoom voor directe inzet in de bedrijfsvoering van Tata.
Nu het contract tussen de bedrijven eind 2025 afloopt, kiest Tata ervoor de volledige regie over de energievoorziening naar zich toe te trekken. Volgens Tata-directeur Hans van den Berg maakt dat het eenvoudiger om de komende jaren stapsgewijs over te gaan naar een productieproces met minder CO₂-uitstoot. De directe controle over stoom- en elektriciteitsvoorziening moet helpen bij het aanpassen van installaties en restgasstromen tijdens die transitie, aldus Tata in een persbericht. De ondernemingsraden van beide bedrijven hebben positief geadviseerd en toezichthouder ACM verleende in augustus al zijn toestemming voor de overname.










