Formeel hoeft Ymere niet aan de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) te voldoen, maar de woningbouwcorporatie kiest er bewust voor om wel in de geest van de CSRD te handelen. âWe hebben een dubbele materialiteitsanalyse gedaan om te bepalen waar we de meeste impact makenâ, zegt Souverein. âHet gaat ons niet om vinkjes zetten, maar om inzicht en sturing.â Het eerste ESG-verslag (Environmental, Social & Governance) over 2024 is al opgeleverd. âDeze zien we als een groeimodel. Door jaarlijks te rapporteren halen we kennis naar binnen en kunnen we reflecteren: doen we het juiste en waar moeten we bijsturen?â
Verder kijken dan eigen bedrijfsvoering
In 2024 stootte Ymere 1.409 ton CO2 uit in de eigen bedrijfsvoering. Dat is weinig als je het vergelijkt met de uitstoot vanuit de woningen: 179.500 ton aan CO2. CSRD dwingt corporaties om verder te kijken dan de eigen bedrijfsvoering. Scope 1 (eigen bedrijfsvoering) en scope 2 (inkoop) zijn relatief eenvoudig, maar scope 3 (de uitstoot vanuit woningen en van ketenpartners) is complex. âWe rapporteren nu vooral over interne emissiesâ, zegt Souverein. âMaar we willen de CO2-uitstoot van onze woningen en onze activiteiten zoals nieuwbouw en renovatie meer specificeren. Wat is onze uitstoot daar?â
Eerste stap in energielabels
De eerste stap in Ymereâs verduurzamingsstrategie was het wegwerken van E-, F- en G-labels van woningen. âDat was urgentâ, zegt Marike Bonhof. âEen hoger energielabel levert direct voordeel op voor huurders in lagere energielasten.â Maar wie Paris Proof wil zijn in 2050, moet verder kijken. âAlleen labels verbeteren is dan voor ons niet genoegâ, benadrukt Elisa Souverein. âWe hebben daarom ook een verkenning gedaan: wat moeten we doen om CO2-neutraal te worden? Welke keuzes liggen er? En wat kost dat?â

Groene hartjes
Bij Ymere boog een beweging van zogeheten groene hartjes, veertig collegaâs die zich inzetten voor verduurzaming, over deze analyse. Deze duurzaamheidsambassadeurs zijn herkenbaar aan een groen hartje achter hun naam en vormen een intern platform om kennis te delen en samen de duurzaamheidsstrategie van de corporatie verder vorm te geven. âHet is ook een manier om te laten zien: je staat er niet alleen voorâ, aldus Souverein.
De analyse van de duurzaamheidsambassadeurs leidde tot negen menukaarten over themaâs variĂ«rend van isolatie en installaties tot materiaalgebruik en klimaatadaptatie. Voor elk thema werd een small-, medium- en large-variant uitgewerkt, inclusief kosten en impact. âZo konden we het directieteam een realistisch palet biedenâ, zegt Souverein. âNiet alleen âthe sky is the limitâ, maar ook: wat is minimaal nodig om aan toekomstige wetgeving te voldoen?â
Vanuit dezelfde werkelijkheid
De menukaarten vormden de basis voor een dialoog tussen directie en organisatie. âWe hebben die veertig collegaâs betrokkenâ, vertelt Souverein. âZij brachten kennis en ideeĂ«n in, van âbiobasedâ materialen tot installatieconcepten.â Het directieteam gaf richting: prestatie-indicatoren voor gasloos in 2050, targets voor CO2-reductie en budgetten in het meerjarenplan. ââTop-downâ-kaders en middelen, âbottom-upâ-expertise en uitvoeringâ, vat Bonhof samen. âZo werken we nu vanuit dezelfde werkelijkheid.â
De route naar 2050 is niet alleen technisch, maar ook financieel uitdagend. âWe weten nu wat minimaal nodig is om Paris Proof te wordenâ, zegt Bonhof. âEn we weten nu ook dat we daar niet genoeg middelen voor hebben.â
Huishoudboekje wordt onhoudbaar
Ymere investeert jaarlijks honderden miljoenen in nieuwbouw en verduurzaming. âDe opgave is dusdanig groot, dat binnen tien jaar ons financiĂ«le huishoudboekje onhoudbaar wordt. We schrijven dat ook op in onze boodschap naar toezichthouders en het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO)â, zegt Bonhof. âZodat duidelijk is: wij nemen verantwoordelijkheid in de energietransitie, maar we kunnen met de beperkte financiĂ«le middelen niet alles.â
Die transparantie is cruciaal, benadrukt Souverein. âHet speelveld is helder: wat moeten we doen, wat zouden we willen doen en wat kunnen we betalen? Dat maakt het gesprek met stakeholders eerlijk en voorkomt teleurstelling.â
Slimme wissels in plaats van dure pilots
Ymere kiest bewust voor âsmart followershipâ, zoals Souverein het noemt. âWe gaan niet één complex tot een duurzaamheidsparadijs maken. Dat levert mooie fotoâs op, maar is niet op te schalen. In plaats daarvan kiezen we voor slimme wissels: kleine, haalbare stappen op natuurlijke momenten. Als we een dak vervangen, willen we toewerken naar âbiobasedâ isolatie in plaats van chemisch materiaal. Zo verduurzamen we stap voor stap, zonder kosten voor oplossingen die zich nog niet bewezen hebben.â

Isolatie en installatie: 'plug and play'
Door isolatie en installatie te combineren, voorkomt Ymere onnodige kosten. Bonhof: âHet idee is eenvoudig. Als je nu een woning volledig - tot 100% - isoleert, maar er later een warmtenet wordt aangelegd, heb je eigenlijk meer geĂŻnvesteerd dan nodig was. Warmtenetten vragen namelijk om een andere isolatiestandaard dan bijvoorbeeld een warmtepomp. Door vooraf te bepalen welk energieconcept waarschijnlijk is en daarop te anticiperen, kiezen we voor een middentemperatuuroplossing die geschikt is voor beide scenarioâs. Zo besparen we niet alleen geld, maar zorgen we ook dat woningen klaar zijn voor toekomstige energievormen. Het is âplug and playâ.â
Zuinig met materialen
Ymere gaat in principe voor bewezen oplossingen, maar dat wil niet zeggen dat er niet wordt geĂ«xperimenteerd. âGrondstoffen worden schaars en energie-intensief om te producerenâ, zegt Bonhof. âScope 3 van de CSRD dwingt ons om zuinig te zijn met materialen.â Ymere investeert daarom in houtbouw bij nieuwbouw. âHout slaat CO2 op en draagt bij aan onze reductiedoelen. Het is nu duurder dan traditionele bouw, maar we reserveren een R&D-budget om ervaring op te doen en schaal te creĂ«ren. Zo kunnen we leren en tegelijkertijd de markt een zetje geven.â
'Biobased' alternatieven
Ook bij renovaties zoekt Ymere naar âbiobasedâ alternatieven. âVoorheen importeerden we isolatiematerialen uit andere landenâ, zegt Bonhof. âNu gebruiken we lokaal geteelde producten, zoals vlas en hennep.â Die materialen hebben extra voordelen: ze verbeteren het binnenklimaat en verminderen hittestress. âZo gaan duurzaamheid en comfort hand in handâ, aldus Souverein.
De energietransitie brengt ook risicoâs met zich mee, merkte Ymere vorig jaar toen het project 'Warm Amsterdam' in opspraak kwam. Bonhof moest in het televisieprogramma Kassa uitleggen waarom huurders meer betaalden dan afgesproken. âDat was een tik op de neusâ, zegt ze. âHet incident leerde ons dat warmtenetten complex en gevoelig voor verstoringen zijn. Sindsdien richten we ons vooral op maatregelen achter de voordeur, zoals isolatie en het installatiegereed maken voor toekomstige energieconcepten. Daar hebben we invloed op en kunnen we direct iets betekenen voor de huurder.â
Niet op basis van de euro van de huurder
Dat wil niet zeggen dat warmtenetten helemaal buiten beeld zijn. âWe geloven in warmtenetten als duurzaam alternatiefâ, zegt Bonhof. âMaar we kunnen en willen die transitie niet financieren Dat kan niet op basis van de euro van de huurder die betaalt voor de woning.â Ymere richt zich dan ook op het voorbereiden achter de voordeur, isolatie en installatie. Ook werkt het bedrijf samen met gemeenten aan publieke warmtebedrijven. âIn Haarlem doen we mee aan een project dat leidt tot lagere energielasten voor huurdersâ, zegt Souverein.
Wijken die extra kwetsbaar zijn
Naast energie speelt klimaatadaptatie een steeds grotere rol. âOnze woningen staan vaak in wijken die extra kwetsbaar zijn voor hittestress en wateroverlastâ, zegt Souverein. Op basis van uitgangspunten van de Dutch Green Building Council brengt Ymere risicoâs in kaart. âInvesteren kost ⏠18 miljoen per jaar. Maar niets doen kost ⏠19 miljoen aan schade.â Het is dus financieel en maatschappelijk urgent. âWe starten volgend jaar met het doorvoeren van maatregelen in de 10% meest risicovolle complexenâ, zegt Souverein. âVan groene daken tot waterberging.â
Water en wonen
Een ander thema is de koppeling tussen water en wonen. âDe beschikbaarheid van water wordt net zoân knelpunt als energieâ, zegt Bonhof, die voorheen CFO bij waterbedrijf Vitens was. Ymere organiseerde een event onder de noemer 'Waarde van water' om dit op de agenda te zetten. âWe willen âbusinesscasesâ van verschillende partijen verbindenâ, legt Souverein uit. âZodat we aan de voorkant investeren in waterpositieve wijken, in plaats van achteraf dure gemalen te bouwen. Dat gaat over regenwater benutten, infiltratie verbeteren en kosten delen tussen corporaties, waterschappen en gemeenten.â
Speelveld zichtbaar maken
Ymere wil in 2050 gasloos en Paris Proof zijn. âWe hebben een prestatie-indicator voor het gasloos maken van onze woningen en nemen maatregelen op natuurlijke vervangingsmomentenâ, zegt Bonhof. âMaar het tempo moet omhoog. Elk jaar vertraging vergroot de opgave. Tegelijkertijd zijn financiĂ«le middelen beperkt. We kunnen niet alles doen wat we willen. Maar we maken het speelveld zichtbaar en zoeken samenwerking. Want deze transitie is niet alleen onze opgave, maar een maatschappelijke. We doen wat kan en maken zichtbaar wat niet kan. Zodat we samen met de overheid en markt de stap naar 2050 zetten.â Â










