Hoe belangrijk is vertrouwen in een energiehub?
“Vertrouwen is zeker belangrijk, ook al is dat natuurlijk nooit 100%. Blindelings vertrouwen kunnen bedrijven zich niet veroorloven, net als particulieren overigens. Dat verschil tussen particulieren en bedrijven is veel kleiner dan het misschien lijkt. Het is dan de vraag hoeveel vertrouwen je nodig hebt om een energieconstructie te ontwikkelen en vast te leggen. Dat hangt weer af van de noodzaak. Als bedrijven moeten samenwerken, dan doen ze dat. Dat zie je ook met samenwerking in de productieketen.”
Dus er moet eerst een noodzaak zijn of het moet voordeel opleveren?
“Ja. En daarbij geldt dat de angst voor verlies zwaarder weegt dan de kans op winst. Het allerbelangrijkste voor een bedrijf is namelijk niet winst of omzet, maar continuïteit. Bij stijgende energieprijzen of netcongestie kan een bedrijf denken: wat doe ik nu? Als ik mijn bedrijf niet kan uitbreiden, krijg ik problemen in de markt. Het kan dan voor de continuïteit van een bedrijf belangrijk zijn om samen te werken.”
En als je dat kunt laten zien, krijg je bedrijven mee?
“Dan loop je alsnog tegen allerlei problemen aan. Niet iedereen wil meedoen. Bedrijven hebben er bijvoorbeeld geen geld voor, ze vinden andere investeringen belangrijker of energie staat niet zo hoog op hun prioriteitenlijstje. Afhankelijkheid is eigenlijk niet aantrekkelijk voor bedrijven. Bij het idee van samenwerken met andere bedrijven op hetzelfde terrein zeggen ze al snel: liever niet. Ze willen zelfstandig zijn. Als bedrijven beursgenoteerd zijn of onderdeel zijn van internationale concerns, betekent dat een extra complicatie. Die bedrijven kunnen niet zelfstandig beslissingen maken. Dat gaat heel anders dan bij een familiebedrijf. Er zijn dus goede redenen voor bedrijven om niet samen te werken en dat hoeft ook niet. Het is een illusie dat iedereen moet meedoen aan een energiehub.”
Zonder iedereen aan boord kun je toch beginnen?

“Ja, zo kun je de sneeuwbal laten rollen. Misschien doen in eerste instantie maar een paar bedrijven mee. Als zij iets opzetten dat aantrekkelijk is, kunnen andere bedrijven instappen.”
Hoe kun je de opzet van een energiehub beïnvloeden?
“Je moet voor bedrijven vooral doen wat ze zelf niet graag doen of kunnen. Bedrijven vinden bijvoorbeeld dat ze geen tijd hebben om zelf op zoek te gaan naar mogelijkheden van samenwerken in de energietransitie. Dat moet je dus voor hen regelen: op zoek gaan naar kansen.”
Wat is zo’n kans?
“Een kans is eigenlijk een businesscase. Als die aantrekkelijk genoeg is, wil een bedrijf daarin stappen. Maar dat is voor elk bedrijf anders. Niet iedereen zit er met dezelfde constructie in. Het ene bedrijf wil energie kopen, het andere wil verkopen. Dat zijn verschillende belangen en elk belang brengt zijn eigen prijs met zich mee. De businesscase moet kloppen voor elk individueel bedrijf en overkoepelend voor de hele energiehub. Dan spelen ook nog ‘fair play’ en ‘fair share’. Je moet rechtvaardig en transparant met elkaar omgaan én er moet een eerlijke verdeling zijn van kosten, baten én risico’s. Dan hebben bedrijven het gevoel dat de constructie eerlijk is en weten ze waar ze aan toe zijn.”
Hoe kun je als eenzame voorstander binnen een bedrijf de rest van je collega’s overhalen?
“Er is een mooi model dat bepaalt of een persoon iets voor elkaar krijgt. Dat is motivatie x capaciteiten x mogelijkheden. Je moet gemotiveerd zijn om iets te doen, je moet daar de capaciteiten voor hebben en je moet de mogelijkheden krijgen. Als één van die drie nul is, is de uitkomst ook nul. Hoe gemotiveerd je ook bent, zonder de middelen krijg je niets voor elkaar. Capaciteiten zijn daarbij erg belangrijk. Iemand die goede voorstellen kan doen richting het managementteam, krijgt meestal ook de middelen. Je moet dan bijvoorbeeld informatie verzamelen die de beslissing ondersteunt, waaruit blijkt dat wat jij voor elkaar wil krijgen een slim idee is. Sommige mensen zijn daar heel goed in.”
Speelt duurzaamheid als motivatie ook nog een rol bij bedrijven?
“Jazeker. Je hebt natuurlijk certificering zoals de ISO 14001. Andere partijen in de keten kunnen ook druk zetten, zoals een grote klant die aandringt op certificering. Bedrijven zijn ook afhankelijk van hun imago en van een goede relatie met de gemeente. Maar uiteindelijk staan voor bedrijven bij investeringen wel de kosten, baten en terugverdientijd op nummer één. Soms bijten individuele maatregelen en collectieve maatregelen elkaar ook. Als individuele maatregelen al een goed resultaat boeken, waarom zou je dan nog meedoen met collectieve maatregelen? Want dat laatste duurt vaak lang. En elke keer als het energieverbruik van een bedrijf daalt, gaat de terugverdientijd van volgende maatregelen omhoog.”
Dus hoe meer een bedrijf bezig is met energie besparen, hoe minder het bereid is om mee te doen met een collectief?
“Nou ja, daarin zijn bedrijven wel anders dan mensen. Er zijn genoeg mensen die iets willen doen voor het milieu en daar heel gedreven in zijn. Maar een bedrijf is een soort systeem dat van iedereen afhankelijk is en waarin alles gericht is op de toekomst van het bedrijf. Ik verbaas me er soms ook over dat een bedrijf waarin heel getalenteerde mensen rondlopen, toch heel slecht kan functioneren.”

Is het ook lastig om netbeheerders aan boord te krijgen?
“Ik heb het idee dat nu heel makkelijk de schuld bij netbeheerders wordt neergelegd. Waarom hebben zij niet eerder geïnvesteerd? Maar ook daar geldt dat bedrijven pas gaan investeren als ze marktbehoefte zien. En wie had eerder het geld op de plank liggen voor de enorme veranderingen die we nu in de energiewereld zien? De wetgeving werkt ook belemmerend, want wetten veranderen gaat natuurlijk ook niet snel. De hele Nederlandse energiemarkt is gewoon niet ingericht op de flexibiliteit die nu nodig is.”
Zijn er nog belangrijke misverstanden als het gaat om energiehubs?
“Het Rijk heeft nu een landelijk traject uitgezet met aanjagers die zich op bedrijventerreinen volledig richten op de organisatiegraad. Zij moeten zorgen dat zoveel mogelijk bedrijven lid worden van een vereniging of een andere constructie om energie te besparen of te delen. Die strategie is echt ‘wishful thinking’. Het is een illusie om te denken dat met genoeg stimuleren, faciliteren en verbinden de energietransitie vanzelf gaat. De sleutelwoorden zijn investeringsbereidheid en organiserend vermogen. Denk aan een paar trekkers die een kleine hub voor elkaar krijgen, waar later andere bedrijven instappen. Die trekkers, dat zijn mensen met organiserend vermogen. Daarnaast heb je ook nog het verantwoordelijkheidshiaat. De gemeente zegt dat ondernemers de energietransitie zelf moeten gaan regelen, want het is hun bedrijventerrein en hun verantwoordelijkheid. De bedrijven zeggen precies hetzelfde en wijzen naar de gemeente.”
Heb je nog tips voor mensen die bezig zijn met energiehubs?
“Zorg dat iedereen goed geïnformeerd een beslissing kan nemen. En maak een samenwerkingsmodel waarin heel helder staat wat het betekent als je instapt en ook hoe je er weer uit kunt stappen. Samenwerkingen zijn over het algemeen tijdelijk. Je kunt niet van een bedrijf verwachten dat het nooit verandert.”













