Ruim 1,1 miljoen mensen volgden in 2006 een opleiding in het niet-bekostigd onderwijs. Dat zijn cursussen voor werk of vrije tijd, maar ook langere opleidingen, zoals accountancy of een havo- of vwo-opleiding aan een commercieel instituut.
Voor 79 procent van de deelnemers hadden de opleidingen een relatie met het werk. Bijvoorbeeld om promotie te kunnen maken, om ander werk te kunnen doen of om de kans op werk te vergroten. Ruim dertig procent van de deelnemers heeft een bedrijfsopleiding gevolgd.
Op de cursusmarkt zijn vooral mensen tussen de 25 en 44 jaar actief. Vanaf het 45ste levensjaar neemt de deelname geleidelijk af.










